Contacteer ons

AREI 2026: welke wijzigingen voor uw elektrische installaties?

Sinds 1 april 2026 evolueert het AREI (Algemeen Reglement op de Elektrische Installaties). Deze aanpassingen zijn niet louter reglementair: ze hebben een directe impact op de manier waarop elektrische installaties worden ontworpen, gedimensioneerd en beveiligd, in het bijzonder in de niet-residentiële sector.

Met de sterke toename van elektrificatie van toepassingen en nieuwe technologieën worden bepaalde regels nauwkeuriger — maar ook strenger.

 

Dit is wat u moet onthouden :

1.Gelijkstroom officieel verstrekt in het AREI

Met de ontwikkeling van fotovoltaïsche installaties, batterijen en laadinfrastructuur wordt gelijkstroom steeds belangrijker in gebouwen.

Het AREI houdt nu duidelijker rekening met deze realiteit door specifieke aardingsschema’s voor gelijkstroom op te nemen, waaronder:

  • Een specifieke terminologie, met name voor de benaming van kabels
  • Verduidelijkte definities
  • Actieve beschermingsmaatregelen tegen elektrische schokken bij indirect contact

De schema’s en technische keuzes moeten voortaan deze terminologie en specifieke beschermingen integreren.

2. Differentieelbeveiligingen : aangepaste regels voor gelijkstroom

Een andere belangrijke evolutie is de invoering van gevoeligheidsdrempels voor differentieelbeveiligingen bij gelijkstroom.

  • Er worden voortaan specifieke drempelwaarden vastgelegd voor gelijkstroominstallaties
  • Deze waarden houden rekening met de specifieke eigenschappen van gelijkstroom

 

3. Differentieelbeveiliging : einde van de vaste drempel van 1 A

Voor niet-residentiële installaties betreft een belangrijke wijziging de differentieelbeveiliging.

Het AREI schrapt tabel 4.4 van Boek 1, wat leidt tot:

  • Het wegvallen van de maximale uitschakeldrempel van 1 A
  • Het gebruik van de wet van Ohm om de beschermingsniveaus te bepalen

In plaats van een vaste waarde wordt de beveiliging voortaan gedimensioneerd op basis van de reële kenmerken van de installatie.

4. Aarding : voortaan vastgelegde grenswaarden

Het AREI bepaalt nu maximale waarden voor de spreidingsweerstand van de aardingsinstallatie:

  • 500 Ω voor droge en niet-geleidende omgevingen (AD1, BB1, BC1)
  • 250 Ω voor andere omgevingen (AD2 tot AD5, BC2, BB2)

5. TN-C-stelsel: strengere beperkingen

Het AREI actualiseert ook de beperkingen inzake het gebruik van het TN-C-aardingssysteem.
In dit systeem worden de nulgeleider en de beschermingsgeleider gecombineerd in één enkele geleider (PEN).

 

Tot slot herinnert het AREI aan een belangrijke verplichting voor niet-residentiële installaties: de vermelding van publiek toegankelijke ruimten in het document van de externe invloeden.

Te onthouden timing:

  • Nieuwe installaties (na 01.03.2025): onmiddellijke verplichting
  • Bestaande installaties (vóór 01.03.2025): conformiteit uiterlijk tegen 01.03.2027

 

Conclusie: anticiperen om conform te blijven

De wijzigingen in het AREI die op 1 april 2026 in werking zijn getreden, kaderen in een duidelijke evolutie: elektrische installaties aanpassen aan hedendaagse technologieën, met strengere eisen op het vlak van ontwerp, technische onderbouwing en veiligheid.

In deze context kan conformiteit niet langer als een eindfase worden beschouwd. Ze moet geïntegreerd worden vanaf de ontwerpfase en gedurende de volledige levenscyclus van de installatie.

In dat kader begeleidt SECO Belgium u via conformiteitscontroles vóór indienststelling en periodieke keuringen.